Derde hoogoven voor Arcelor Mittal
De staalindustrie is booming business. Door de sterk toegenomen vraag naar staal in Azië en vooral China boert de staalsector zeer goed. Ook ArcelorMittal – het vroegere Sidmar – profiteert mee van de economische groei en wil nu een derde hoogoven bouwen in de kanaalzone.
Milieueffectenrapport
De procedure daarvoor is eind vorig jaar gestart met het opmaken van een milieueffectenrapport (MER). Bond Beter Leefmilieu en Gents Milieufront dienden samen een inspraakreactie in bij de startnota voor het MER. De belangrijkste vraag van BBL en GMF daarbij is om het alternatief van een electro-oven te onderzoeken in het MER. Een electro-oven heeft als groot milieuvoordeel dat schroot als grondstof wordt gebruikt, waardoor minder ijzererts moet ingevoerd worden en afvalproducten gerecycleerd worden. Als nadeel wordt in de startnota aangegeven dat hiervoor veel meer elektriciteit nodig is. Aangezien echter toch een nieuwe elektriciteitscentrale gepland wordt op het terrein van ArcelorMittal - die oorspronkelijk ook veel groter gedimensioneerd was - vragen we om de milieueffecten van een electro-oven te vergelijken met de milieueffecten van een derde hoogoven en pas daarna een keuze te maken voor het soort oven dat men wil bouwen.
Daarnaast vragen we dat in het MER ook onderzocht wordt of het mogelijk is om restgassen te hergebruiken. We denken hierbij in de eerste plaats aan hergebruik van overtollige CO2 en restwarmte die niet benut wordt. Een opportuniteit die zich aandient is de geplande bouw van een zeer groot serrecomplex vlakbij ArcelorMittal, in Westdorpe, juist over de grens met België. Hier verrijst de komende jaren een immens serrecomplex van 300 tot 400 ha. We vragen om in het MER de mogelijkheid te onderzoeken om overtollig CO2 en restwarmte van ArcelorMittal te leveren aan dit complex. Een vergelijkbaar project is de levering van CO2 door de raffinaderij van Shell in Pernis (Nl). Via een netwerk van pijpleidingen vanuit de raffinaderij komt CO2 bij de tuinders terecht, waardoor jaarlijks 170.000 ton CO2 bespaard wordt.
De MER-nota gaat slechts zeer summier in op de impact van de geplande uitbreiding op het bereiken van de Belgische en Vlaamse klimaatdoelstellingen. Nochtans is ArcelorMittal Gent vandaag al koploper in Vlaanderen met haar uitstoot van broeikasgassen. Het MER moet dan ook duidelijk weergeven wat de uitbreiding van de vestiging voor de uitstoot van broeikasgassen in Vlaanderen betekent. Hoeveel extra uitstoot van CO2 en andere broeikasgassen zal de uitbreiding veroorzaken? Hoe verhoudt zich dit tot de huidige en geplande uitstoot van de bestaande vestiging van Arcelor- Mittal in Gent tot de Vlaamse industriële uitstoot, en tot de totale Vlaamse uitstoot? BBL en GMF vragen dat dit zeer degelijk in kaart gebracht wordt in het MER.
Wat de uitstoot van fijn stof betreft, vragen we om naast de impact van de hoogoven zelf, in het MER ook de impact te bekijken van bijkomende scheepvaart en ter zake de mogelijkheden te onderzoeken van walstroom. Andere mogelijkheden om fijn stof te beperken zijn het overkappen van de transportbanden naar de hoogoven en het voorzien van stofvrije wanden rond opslagplaatsen, twee maatregelen ter preventie van fijn stof die toegepast worden bij het staalbedrijf Corus in IJmuiden. Tot slot vragen GMF en BBL om in het MER ook te onderzoeken of er nog bijkomende mogelijkheden zijn voor het hergebruik van reststoffen uit de hoogoven. De staalslakken uit de bestaande hoogovens worden nu al verwerkt in cement. Eventuele bijkomende mogelijkheden zijn het hergebruik van teer door de chemische industrie en het gebruik van BTX in een raffinaderij of als oplosmiddel in verf of lijm. Ook deze toepassingen vinden al plaats bij Corus in IJmuiden.
Klik hier voor ons oorspronkelijk bezwaarschrift
3/8/08
|