 |
Minister Schauvliege kwam speechen op de Groene Loper
Zaterdag 21 november was de afsluiter van het eerste Gents Ecologisch Filmfestival: De Groene Loper. En wat voor een eerste editie! Elke avond zat goed vol, enkele avonden zelfs té vol. Zaterdag verhuisden we naar een grotere zaal en ook deze zat helemaal vol! Samen keken we naar het clipje 'Dance for the climate' en 'Age of Stupid'. Maar eerst liet het GMF enkele 'gezaghebbenden' aan het woord: schepen van Leefmilieu Tom Balthazar en minister van leefmilieu Joke Schauvliege. Hieronder kan je de speech nalezen van deze laatste.
Dames en Heren,
Dit eerste ecologische filmfestival kan op geen beter moment vallen. Vandaag is het de Dag van de Natuur. Vanmiddag heb ik het Stappersven in de Kalmthoutse Heide geopend. En binnen een paar weken heeft in Kopenhagen de klimaatconferentie plaats.
Ondanks een reeks pessimistische berichten over de ‘COP 15’ hebben we de voorbije dagen toch ook een aantal optimistisch gestemde getuigen aan het woord gehoord. Ex-toppoliticus Al Gore, toponderhandelaar Yvo de Boer, topambtenaar Jos Delbeke en topwetenschapper Jean-Pascal van Ypersele... Stuk voor stuk mensen met kennis van zaken. Stuk voor stuk uitingen van hoop.
Hoop doet leven, zo wordt overigens gezegd. En inzake klimaat zou het wel eens letterlijk zo kunnen zijn. De toestand wordt pas hopeloos, als we de hoop hebben opgegeven. Nochtans is daar geen reden toe. Niet dat het hier vanzelf de goede richting uitgaat. Maar de totnogtoe uitgevoerde beleidsmaatregelen hebben wel degelijk resultaat. En succes nodigt uit om door te gaan. Ik behoor dan ook niet tot de pessimisten, laat staan de klimaatsceptici of de klimaatnegationisten, maar wel bij de optimisten; degenen die niet alleen geloven in, maar werken aan een beter klimaat; degenen die de handen uit de mouwen steken om broeikasgasuitstoot niet alleen te verwerpen, maar ook daadwerkelijk te beperken.
Met de toezegging van Japan om voor 25% emissiereducties te gaan, en met de bereidheid van Europa om zelfs tot 30% emissiereducties te gaan, ontstaat een soort groepsdruk die moeilijker en moeilijker te omzeilen valt. Europa kan niet achterblijven op wereldvlak. België kan niet achterblijven in Europa. En Vlaanderen kan niet achterblijven in België. Het zou trouwens nogal beschamend zijn om, na meer dan een eeuw industrialisatie, de zich nog ontwikkelende landen inspanningen aan te praten zonder zelf het juiste voorbeeld te geven. Iedereen lijkt dat te beseffen, en als iedereen daar dan ook nog naar handelt, blijven we misschien onder de bijkomende twee graden Celsius.
‘Iedereen’ betekent ontwikkelde en ontwikkelingslanden. ‘Iedereen’ betekent overheden, ondernemingen, verenigingen en huishoudens. Zowel vanuit eigen- of groepsbelang als vanuit een algemeen belang dat de grenzen van de staten overschrijdt. Het is toch hemeltergend dat een land als Oeganda, ooit getipt als de graanschuur van Afrika, nu een immense droogte en een enorme hongersnood kent. Het zijn de eerste slachtoffers van de opwarming van de aarde; een verschijnsel waar zij zelf amper hebben toe bijgedragen. Zij ondergaan als eersten de gevolgen van de veranderingen in het klimaat; een beweging waar naast het ecologisch evenwicht ook de menselijke waardigheid in het gedrang komt.
Vanuit onze verontwaardiging over dergelijke ontsporingen moeten we stappen kunnen zetten naar een duurzame samenleving, met bijzondere aandacht voor de samenhang tussen milieu, economie en de sociale dimensie. Doelmatigheid en doelgerichtheid zijn ter zake een belangrijke drijfveer. Zo haalt Spanje meer dan 10% van zijn energie uit windmolens, veel meer dan wij, maar intussen klagen Spaanse specialisten dat de gemiddelde Spanjaard ongelofelijk veel energie verspilt en slecht isoleert. Het is moeilijk dweilen met de kraan open.
Wij zijn Spanje of Denemarken of het Verenigd Koninkrijk niet, met eindeloze stroken kust en overvloedig veel ruimte, bijvoorbeeld om windmolens te zetten. Dat wil niet zeggen dat er geen windmolens zullen bijkomen. We hebben geen Sahara of Kalahari met een astronomisch potentieel aan zonnestroom. Dat wil niet zeggen dat er geen zonnepanelen zullen bijkomen. Wat ik hiermee wil zeggen, is dat Vlaanderen met zijn specifieke en unieke ligging andere politieke accenten zal moeten leggen, zoals we al doen.
We nemen maatregelen die zowel het aanbod sturen als de vraag beheersen. We maken toestellen energiezuiniger, voertuigen minder energieverspillend, gebouwen minder energieverslindend en ons eigen gedrag milieuvriendelijker. We pleiten niet voor onbetaalbare doelstellingen binnen een halve eeuw maar werken aan haalbare maatregelen voor vandaag. En niet zonder succes. Zoals de resultaten van de voorbije vier jaar aantonen. De uitstoot van broeikasgassen in Vlaanderen is voor het vijfde jaar op rij gedaald, in 2008 min 10,8% ten opzichte van 1990, of 5 miljoen ton beter dan de Kyoto-doelstelling. Deels een gevolg van de crisis. Maar we hebben geen vijf jaar crisis achter de rug. En we halen geen vijf jaar op rij toevallig of per ongeluk de overeengekomen streefdoelen. Het is vooral te danken aan de ambitieuze en tegelijk realistische Vlaamse klimaatpolitiek die budgettair tussen 2006 en 2012 anderhalf miljard euro voorziet.
Uiteraard is het niet de verdienste van de overheid alleen. Ook de gezinnen en de bedrijven hebben inspanningen geleverd. En het maatschappelijk middenveld. Tal van verenigingen hebben tijd en geld en energie geïnvesteerd in communicatiecampagnes en sensibiliseringsacties. Initiatieven rond isolatie, zonnepanelen, fietsgebruik of voedingsgewoonten dragen bij tot zowel bewustmaking als gedragsverandering. Ook het ecofilmfestival van vandaag is een uiting en voorbeeld van draagvlakverbreding. Het samenspel van voorhoede en achterban zorgt voor een onmiskenbare vooruitgang in het denken en doen rond klimaat.
Ik geloof dan ook niet dat we in een ‘Age of Stupid’ leven. De sense of urgency is er wel degelijk. Maar Vlamingen hebben niet altijd de kans of de bereidheid om voor een duurzaam alternatief te gaan. Van overheidswege, zowel Vlaams en federaal als Europees of mondiaal, dient de klimaatneutrale optie bevorderd en bevoordeeld te worden
in vergelijking met broeikasgas uitstotende keuzen. Vooral ten aanzien van de niet of amper te overtuigen medeburgers, en het zijn er nog steeds genoeg, is vrijwilligerswerk een geducht wapen. Waar folders en brochures, artikels en advertenties, reportages en documentaires of spots en clips niet in slagen, daar lukt het soms wel met voorbeeldgedrag en overtuigingskracht. Waar media en onderwijs in gebreke blijven, daar wordt soms vooruitgang geboekt door sociale of milieu-organisaties.
Soms met morele argumenten: zoals het lot van andere continenten en volgende generaties. Vaak met persoonlijke of financiële motieven: de eigen gezondheid of de energiefactuur. Als het maar helpt. Ondertussen weet ik als Vlaams minister van zowel Leefmilieu en Natuur als van Cultuur maar al te zeer hoe geleidelijk aan het draagvlak moet verbreden en verdiepen om de uitdaging aan te kunnen. Want na Kyoto komt Kopenhagen, of een andere stadsnaam, die een volgende stapsteen zal aanduiden in de strijd tegen de opwarming van de aarde. ‘A small step’ of ‘a giant leap’ valt nog te bezien. Maar hoe dan ook betekenisvolle vooruitgang in de juiste richting. Het lijkt misschien a small answer, maar als de andere lidstaten van de Europese Unie en de andere werelddelen mee doen, dan halen we het nog net.
Dames en Heren,
Een paar graden Celsius, zo veel hebben we nog, zo groot is nog de afstand tussen vijf voor twaalf en vijf na twaalf. En de opwarming van de aarde ga je niet te lijf met frigo’s of airco’s. Het vermijden en het bestrijden van de verandering van het klimaat vergt macht, moed, maatregelen en medemensen. Ik dank u.
|